Is het werkelijk rendement box 3 berekend op basis van bruto of netto dividend?
Is het werkelijk rendement box 3 berekend op basis van bruto of netto dividend?
Dividend telt in de berekening van het werkelijk rendement in box 3 mee als de netto-opbrengst. Dit betekent dat het werkelijk rendement wordt bepaald op basis van de opbrengst van reguliere baten, waaronder dividend, na aftrek van eventuele kosten en lasten die onlosmakelijk aan deze opbrengsten zijn gerelateerd. De focus ligt op wat de belastingplichtige daadwerkelijk als inkomen uit het vermogen genereert, waarbij de dividendbelasting als voorheffing wordt gezien en niet als een kostenpost die de opbrengst verlaagt.
De vaststelling van het werkelijk rendement in box 3 is gebaseerd op recente rechterlijke uitspraken, waaronder het Kerstarrest, en nieuwe richtlijnen. Hierbij wordt uitgegaan van de netto-opbrengst van reguliere baten zoals rente, dividend en huur. Dit houdt in dat kosten die onlosmakelijk verbonden zijn met het genereren van deze specifieke opbrengsten, in principe de opbrengst verlagen. Het is echter cruciaal om te begrijpen dat financieringskosten die gemaakt zijn om het vermogen te verwerven, niet direct van de bruto-opbrengsten worden afgetrokken bij het bepalen van de netto-opbrengst van de baten. Een belangrijke nuance is dat betaalde rente op schulden die zelf in box 3 vallen, wel verrekend mag worden met het totale werkelijk rendement, maar niet als directe aftrekpost van de individuele baten.
Voor de berekening van het werkelijk rendement in box 3 worden de volgende componenten in aanmerking genomen:
- Rente-opbrengsten uit vermogen.
- Dividend-opbrengsten, waarbij uitgegaan wordt van de bruto-opbrengst minus eventuele direct aan de opbrengst gerelateerde kosten (niet zijnde dividendbelasting).
- Huuropbrengsten uit onroerend goed, eveneens op basis van de netto-opbrengst na aftrek van direct gerelateerde kosten zoals onderhoud.
- Gerealiseerde waardeveranderingen, zoals de winst bij verkoop van beleggingen.
- Ongerealiseerde waardeveranderingen, zoals koerswinsten die nog niet zijn verzilverd.
Om het concept van netto-opbrengst voor dividend verder te verduidelijken, volgt hier een rekenvoorbeeld:
Stel dat u aandelen bezit waaruit u dividend ontvangt. In een bepaald jaar zijn de volgende gegevens van toepassing:
- Bruto dividend ontvangen: € 1.500
- Ingehouden Nederlandse dividendbelasting: € 225 (15% van € 1.500)
- Specifieke administratiekosten voor de verwerking van dit dividend (bijvoorbeeld bij een buitenlandse bron die niet via een reguliere depotbank loopt): € 15
- Algemene vermogensbeheerkosten: € 50
Voor de berekening van het werkelijk rendement in box 3 wordt dit als volgt verwerkt:
- Het bruto dividend van € 1.500 vormt het uitgangspunt.
- De ingehouden dividendbelasting van € 225 wordt niet afgetrokken van de dividendopbrengst voor de berekening van het werkelijk rendement. Dit is een voorheffing die u later kunt verrekenen met uw totale inkomstenbelasting.
- De specifieke administratiekosten van € 15, die direct en onlosmakelijk verbonden zijn met de ontvangst van dit specifieke dividend, mogen wel worden afgetrokken.
- De algemene vermogensbeheerkosten van € 50 zijn niet direct aan de dividendopbrengst te relateren en zijn daarom niet aftrekbaar van de dividendopbrengst.
De netto-opbrengst van het dividend voor de berekening van het werkelijk rendement is dan: € 1.500 (bruto dividend) - € 15 (specifieke administratiekosten) = € 1.485.
Dit bedrag van € 1.485 wordt meegenomen als onderdeel van de reguliere baten bij de vaststelling van het totale werkelijk rendement in box 3.
Bepaalde posten worden uitgesloten of zijn niet aftrekbaar bij de berekening van het werkelijk rendement, wat belangrijk is om te begrijpen voor een correcte aangifte:
- Algemene kosten: Kosten die niet direct aan de opbrengsten zijn te relateren, zoals algemene vermogensbeheerkosten die niet specifiek aan een opbrengstpost zijn toe te wijzen, worden niet meegenomen.
- Financieringskosten: Hoewel de netto-opbrengst van rente, dividend en huur wordt bepaald zonder aftrek van financieringskosten die zijn gemaakt om het vermogen te verwerven, mag de betaalde rente op schulden die zelf in box 3 vallen, wel worden verrekend met het totale werkelijk rendement. Dit onderscheid is cruciaal voor de uiteindelijke belastingheffing.
- Verliesverrekening: Het werkelijk rendement wordt per kalenderjaar vastgesteld. Er is geen mogelijkheid om negatieve rendementen uit een jaar te verrekenen met positieve rendementen uit andere jaren.
- Significantiemarge en inflatiecorrectie: Bij de berekening van het werkelijk rendement wordt geen rekening gehouden met een significantiemarge of inflatiecorrectie.
Voor een gedetailleerd overzicht van alle aspecten van de belastingheffing in box 3 en de berekening van het werkelijk rendement, kunt u hier meer informatie over box 3 vinden.