Hoe worden meerwaarden op aandelen belast in een vennootschap?
Hoe worden meerwaarden op aandelen belast in een vennootschap?
Gerealiseerde meerwaarden op aandelen binnen een Belgische vennootschap zijn belastbaar inkomen en vallen onder de vennootschapsbelasting. De exacte belasting hangt af van de aard van de aandelen (individueel of als deelneming) en de grootte van de vennootschap, met tarieven die variëren van 0% tot 25% in 2026. Er bestaan specifieke regelingen voor vrijstellingen onder bepaalde voorwaarden.
Meerwaarde op aandelen, ook wel pluswaarde genoemd, ontstaat wanneer een vennootschap aandelen verkoopt tegen een hogere prijs dan de aankoopprijs. Dit verschil tussen de verkoopprijs en de aankoopprijs wordt beschouwd als bruto winst op de investering en is een belastbaar financieel product. De belastingregels voor deze meerwaarden zijn vastgelegd in de vennootschapsbelasting.
De fiscale behandeling van deze meerwaarden verschilt aanzienlijk, afhankelijk van het type aandelen en de omvang van de vennootschap. Hieronder vindt u een overzicht van de verschillende scenario's die van toepassing zijn in 2026:
| Type Aandelen / Deelneming | Vennootschapstype | Belastingtarief op Meerwaarde (2026) | Opmerkingen |
|---|---|---|---|
| Individuele aandelen | Kleine en middelgrote ondernemingen (KMO's) | 20% | Geldt voor meerwaarden gerealiseerd op individuele aandelen. |
| Individuele aandelen | Grote vennootschappen | 25% | Geldt voor meerwaarden gerealiseerd op individuele aandelen. |
| Grote deelneming (>20% aandelenbelang) | Alle vennootschappen | 0% - 10% (progressief) | Deze regeling is van kracht vanaf 2025. De tarieven variëren progressief. |
| Kleine deelneming (<20% aandelenbelang) | Alle vennootschappen | 10% | Deze regeling is van kracht vanaf 2025. De 10% belasting wordt geheven op de volledige meerwaarde na eventuele vrijstelling. |
Naast de algemene belastingplicht, kunnen meerwaarden op aandelen in de vennootschapsbelasting in bepaalde gevallen in aanmerking komen voor een definitieve vrijstelling. Dit is mogelijk onder specifieke voorwaarden die vallen onder het regime van definitief belaste inkomsten. Deze vrijstellingen zijn complex en vereisen een grondige analyse van de situatie van de vennootschap en de aard van de aandelen.
Om de toepassing van deze regels te illustreren, volgen hier enkele rekenvoorbeelden. Stel een KMO verkoopt in 2026 individuele aandelen die het voor €10.000 heeft aangekocht, voor een bedrag van €15.000. De gerealiseerde meerwaarde bedraagt dan €5.000. Omdat het een KMO betreft en het om individuele aandelen gaat, wordt deze meerwaarde belast tegen 20%. De te betalen vennootschapsbelasting op deze meerwaarde is dan 20% van €5.000, wat neerkomt op €1.000.
In een ander scenario verkoopt een grote vennootschap in 2026 een kleine deelneming (minder dan 20% aandelenbelang) met een meerwaarde van €20.000. Volgens de regels die gelden vanaf 2025, wordt deze meerwaarde belast tegen 10%. De vennootschap betaalt dan 10% van €20.000, oftewel €2.000 aan vennootschapsbelasting op deze specifieke meerwaarde. Voor een uitgebreid overzicht van alle tarieven binnen de vennootschapsbelasting, kunt u terecht op onze pagina over vennootschapsbelasting tarieven.