Hoe waarde-aandelen berekenen?
Hoe waarde-aandelen berekenen?
Waardeaandelen identificeer je door een grondige analyse van financiële kengetallen die duiden op een onderwaardering ten opzichte van de intrinsieke waarde of sectorgenoten. Kernratio's zoals de koers-winstverhouding (K/W), koers-boekwaardeverhouding (K/B) en koers-omzetverhouding (K/O) zijn essentieel. Een relatief lage uitkomst van deze ratio's, vergeleken met sectorgemiddelden of historische data, kan wijzen op een potentieel waardeaandeel.
Een waardeaandeel is een aandeel van een bedrijf dat door de markt als ondergewaardeerd wordt beschouwd. Dit betekent dat de huidige marktprijs lager is dan de intrinsieke waarde die het bedrijf zou moeten hebben, gebaseerd op zijn activa, winsten en kasstromen. Beleggers in waardeaandelen zoeken naar bedrijven met sterke fundamentals die tijdelijk uit de gratie zijn, of waarvan de groeivooruitzichten door de markt worden onderschat. Het identificeren van dergelijke aandelen gebeurt primair via de analyse van financiële kengetallen.
De meest gebruikte financiële kengetallen voor het identificeren van waardeaandelen vallen onder de categorie van relatieve waardering, waarbij de marktwaarde van een aandeel wordt gedeeld door een relevante financiële maatstaf (Fact 11, 2). Een lage uitkomst van deze ratio's, vergeleken met sectorgenoten of historische gemiddelden, kan een indicatie zijn van een waardeaandeel. De multiples methode omvat het vergelijken van deze ratio's met andere bedrijven in de sector (Fact 12).
Belangrijke kengetallen voor het identificeren van waardeaandelen zijn:
- Koers-winstverhouding (K/W of P/E): Dit kengetal wordt berekend door de marktprijs per aandeel te delen door de winst per aandeel. Een lage K/W-verhouding (Fact 2, 8, 12) kan erop wijzen dat de markt het bedrijf onderwaardeert ten opzichte van zijn winstgevendheid. Het is echter cruciaal om dit getal te vergelijken met het gemiddelde van de sector en de historische K/W van het bedrijf zelf.
- Koers-boekwaardeverhouding (K/B of P/B): Deze ratio vergelijkt de marktprijs per aandeel met de boekwaarde per aandeel (Fact 2). De boekwaarde per aandeel wordt berekend door het eigen vermogen te delen door het aantal uitstaande aandelen (Fact 5). Het eigen vermogen is op zijn beurt het verschil tussen de totale activa en de totale verplichtingen van een bedrijf (Fact 4). Een K/B-verhouding onder de 1 kan betekenen dat het aandeel onder de liquidatiewaarde van het bedrijf handelt, wat vaak een sterke indicatie is van onderwaardering.
- Koers-omzetverhouding (K/O of P/S): Dit kengetal wordt berekend door de marktprijs per aandeel te delen door de omzet per aandeel (Fact 2, 12). De K/O-verhouding is met name nuttig voor bedrijven die nog geen winst maken, maar wel veel omzet genereren, of voor sectoren met lage winstmarges. Een lage K/O kan duiden op een onderwaardering van de omzetpotentie.
- Enterprise Value / EBITDA (EV/EBITDA): Dit kengetal vergelijkt de ondernemingswaarde (Enterprise Value) met de winst vóór rente, belastingen, afschrijvingen en amortisatie (EBITDA) (Fact 2). Het geeft een completer beeld van de waardering van een bedrijf, omdat het rekening houdt met zowel de marktkapitalisatie (Fact 10) als de schuld van het bedrijf.
Een veelvoorkomende misvatting is dat een lage ratio automatisch een goede investering betekent. Een lage koers-winstverhouding of koers-boekwaardeverhouding kan ook wijzen op onderliggende problemen, zoals dalende winsten, hoge schulden, of een verouderd bedrijfsmodel. Het is daarom essentieel om dieper te graven en de redenen achter de lage ratio's te begrijpen, en deze te vergelijken met sectorgenoten en historische waarden, zoals de multiples methode (Fact 12) voorschrijft.
Naast de relatieve waardering kunnen ook absolute waarderingsmethoden worden gebruikt om de intrinsieke waarde van een aandeel te bepalen, waartegen de huidige marktprijs kan worden afgezet. Voorbeelden hiervan zijn de Discounted Cash Flow (DCF) methode (Fact 1, 9), die toekomstige vrije kasstromen contant maakt, en het Dividend Discount Model (Fact 7), dat de waarde van een aandeel baseert op verwachte toekomstige dividenden. De intrinsieke waarde methode bepaalt de waarde op basis van het verschil tussen bezittingen en verplichtingen (Fact 3, 6).
Een rekenvoorbeeld voor de boekwaarde en koers-boekwaardeverhouding:
Stel een bedrijf heeft totale activa van €750 miljoen en totale verplichtingen van €300 miljoen. Het eigen vermogen van het bedrijf is dan €750 miljoen – €300 miljoen = €450 miljoen (Fact 4). Als dit bedrijf 150 miljoen uitstaande aandelen heeft, dan is de boekwaarde per aandeel €450 miljoen / 150 miljoen aandelen = €3,00 per aandeel (Fact 5). Als de huidige marktprijs van het aandeel €2,40 is, dan is de Koers-boekwaardeverhouding = €2,40 / €3,00 = 0,80. Dit is een indicatie van een potentieel waardeaandeel, omdat de markt het aandeel onder de boekwaarde verhandelt.
De context van de sector is essentieel bij het interpreteren van deze kengetallen. Wat voor de ene sector een lage ratio is, kan voor de andere sector gemiddeld of zelfs hoog zijn. Hieronder een hypothetische vergelijking:
| Kengetal | Bedrijf X (Traditionele Industrie) | Bedrijf Y (Groei Tech) | Sectorgemiddelde (Traditionele Industrie) | Sectorgemiddelde (Groei Tech) | Indicatie |
|---|---|---|---|---|---|
| K/W | 7 | 40 | 12 | 55 | Bedrijf X kan een waardeaandeel zijn; Bedrijf Y is relatief lager dan zijn sectorgemiddelde, maar absoluut hoog. |
| K/B | 0,8 | 8 | 1,5 | 10 | Bedrijf X handelt onder boekwaarde; Bedrijf Y is relatief lager dan zijn sectorgemiddelde. |
| K/O | 0,5 | 4 | 1 | 6 | Bedrijf X handelt onder omzet; Bedrijf Y is relatief lager dan zijn sectorgemiddelde. |
In dit voorbeeld wijzen de ratio's van Bedrijf X duidelijk op een potentieel waardeaandeel binnen zijn sector. Bedrijf Y heeft absolute hoge ratio's, maar in vergelijking met zijn eigen groeimarkt is het relatief lager gewaardeerd, wat ook een vorm van waarde kan vertegenwoordigen. Meer informatie over beleggingsstrategieën vindt u hier.