Wet werkelijk rendement box 3 Eerste Kamer
Wet werkelijk rendement box 3 Eerste Kamer
De Wet werkelijk rendement box 3 moet worden goedgekeurd door de Eerste Kamer der Staten-Generaal om per 1 januari 2028 in te kunnen gaan. Dit wetsvoorstel belast het daadwerkelijk behaalde rendement op vermogen in box 3. Het introduceert een vermogensaanwasbelasting en geeft een eigen invulling aan het begrip werkelijk rendement, anders dan de rekenregels van de Hoge Raad.
Het wetsvoorstel werd in maart 2024 ingediend bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Staatssecretaris Tjebbe van Oostenbruggen diende het in en bood het aan de Tweede Kamer aan. Op 30 januari 2025 besprak de Tweede Kamer het wetsvoorstel in een commissiedebat. De Tweede Kamer moest het wetsvoorstel uiterlijk 15 maart 2026 aannemen.
Wat is de Wet werkelijk rendement box 3?
De Wet werkelijk rendement box 3 is een wetsvoorstel dat de belastingheffing over vermogen in box 3 verandert. Het regelt belastingheffing over daadwerkelijke inkomsten uit vermogen. Het betrekt het daadwerkelijk behaalde rendement in de belastingheffing. Dit voorstel introduceert een vermogensaanwasbelasting. Het werkelijke rendement omvat rente, dividend, huur en waardeveranderingen. Dit bestaat uit zowel direct als indirect rendement. Het wordt jaarlijks vastgesteld op basis van gerealiseerde en ongerealiseerde opbrengsten. De wet geeft een eigen invulling aan het begrip werkelijk rendement. Deze wijkt af van de rekenregels van de Hoge Raad. Het werkelijke rendement box 3-vermogen wordt jaarlijks vastgesteld zonder verliesverrekening met andere jaren. Ook mag het geen rekening houden met significantiemarge en inflatiecorrectie. Meer informatie over dit wetsvoorstel vindt u op rendementbeleggen.nl.
Wat is de stand van zaken in de Eerste Kamer?
De behandeling van de Wet werkelijk rendement box 3 in de Eerste Kamer is nog gaande. Senatoren beoordelen het wetsvoorstel zorgvuldig voordat zij een besluit nemen. De uiteindelijke beslissing over de wet werkelijk rendement box 3 in de Eerste Kamer is afhankelijk van politieke afwegingen. Voor de meest actuele informatie over de voortgang raadpleegt u de officiële website van de Eerste Kamer.
Welke rol spelen amendementen en het kabinet?
De minister, als onderdeel van het kabinet, laat de beslissing over amendementen aan de Tweede Kamer over. Het kabinet heeft hierdoor een adviserende rol. Zij adviseren over het aannemen of schrappen van onderdelen van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer. De Eerste Kamer beoordeelt het wetsvoorstel vervolgens. Dit gebeurt in de vorm zoals de Tweede Kamer het heeft vastgesteld, inclusief eventuele wijzigingen door amendementen.
Hoe verloopt de behandeling in de Eerste Kamer?
De behandeling van de Wet werkelijk rendement box 3 in de Eerste Kamer start nadat de Tweede Kamer het wetsvoorstel heeft afgerond. De Eerste Kamer bepaalt vervolgens de specifieke behandelingsmogelijkheden voor dit wetsvoorstel. Dit kan inhouden dat een plenaire behandeling wordt ingesteld, of dat de behandeling wordt geschorst.
Mondeling overleg met de staatssecretaris
Mondeling overleg met de staatssecretaris is een mogelijke stap in de behandeling van de Wet werkelijk rendement box 3 in de Eerste Kamer. Tijdens zo'n overleg kunnen senatoren direct vragen stellen over het wetsvoorstel. Specifieke details over een dergelijk overleg voor deze wet zijn niet bekend. De Eerste Kamer bepaalt de procedure voor deze gesprekken.
Schriftelijke voorbereiding door de commissie Financiën
De schriftelijke voorbereiding door de commissie Financiën is een belangrijke stap voor de Wet werkelijk rendement box 3 in de Eerste Kamer. Senatoren bestuderen het wetsvoorstel en de bijbehorende stukken nauwkeurig. Zo kunnen zij zich goed informeren en eventuele vragen formuleren. De Eerste Kamer bepaalt zelf hoe deze voorbereiding precies verloopt.
Inbreng van senatoren
Senatoren leveren hun inbreng door het wetsvoorstel over de Wet werkelijk rendement box 3 zorgvuldig te beoordelen. Zij bestuderen de inhoud en de mogelijke gevolgen voor burgers en de economie. Dit doen zij via schriftelijke vragen en mondelinge overleggen met de staatssecretaris. Hun kritische blik zorgt voor een grondige afweging voordat de Eerste Kamer een besluit neemt.
Wat betekent de wet voor box 3-beleggers?
De Wet werkelijk rendement box 3 wil de belasting voor beleggers baseren op hun daadwerkelijk behaalde rendement, in plaats van een fictief rendement. Dit betekent dat u als belegger belasting betaalt over de werkelijke winst uit uw vermogen, zoals rente, dividend en waardestijging.
Onder het huidige systeem betaalt u belasting over een geschat rendement, ongeacht uw werkelijke opbrengsten. Voor beleggers met een laag rendement kan dit voordeliger uitpakken. Beleggers met een hoog rendement betalen mogelijk meer belasting. Stel, u heeft een jaar met tegenvallende beleggingsresultaten — dan betaalt u minder belasting dan wanneer een vast percentage wordt gehanteerd. De precieze impact op uw persoonlijke situatie hangt af van de definitieve wetgeving en uw specifieke beleggingen. Voor gedetailleerde informatie raadpleegt u de Belastingdienst.
Welke documenten en Kamerstukken zijn relevant?
De Eerste Kamer baseert haar besluit over de Wet werkelijk rendement box 3 op verschillende documenten en Kamerstukken. Dit omvat onder meer het wetsvoorstel zelf, de memorie van toelichting en verslagen van eerdere debatten in de Tweede Kamer. Voor een compleet overzicht van alle relevante stukken — inclusief amendementen en verslagen — raadpleegt u de website van de Eerste Kamer.
Is de Wet op werkelijk rendement in box 3 aangenomen?
Nee, de Wet op werkelijk rendement in box 3 is nog niet aangenomen. Het is een conceptwetsvoorstel dat het werkelijke rendement in de belastingheffing wil betrekken. Dit voorstel wordt door de wetgever als een misser beoordeeld. Bas Cramer en Stefan Marcus vinden zelfs dat de wetgever de plank volledig misslaat met dit voorstel.
Wat telt mee voor werkelijk rendement box 3?
Het werkelijk rendement box 3 omvat rente, dividend, huur en waardeveranderingen. Dit wordt vastgesteld op basis van gerealiseerde en ongerealiseerde opbrengsten, inclusief nominaal rendement. Zowel positieve als negatieve resultaten uit uw box 3-vermogen tellen mee. Ook vermogensaanwas, zoals waardeveranderingen van bezittingen, maakt deel uit van dit rendement. Het gehele vermogen, inclusief banktegoeden en inflatiewinst, wordt meegenomen in de berekening. Hierbij wordt het volledige vermogen, inclusief spaargeld en alle vermogensbestanddelen in box 3, in acht genomen. De vaststelling vereist inclusie van nominale rendementen zonder inflatiecorrectie. Daarbij houdt de berekeningsmethode rekening met rente van schulden in box 3, die u mag verrekenen.
Kan ik mijn werkelijk rendement opgeven als ik alleen spaargeld in box 3 heb?
Nee, als u alleen spaargeld in box 3 heeft, kunt u uw werkelijk rendement nog niet direct opgeven. Het huidige systeem in box 3 werkt met een fictief rendement op spaargeld. De Wet werkelijk rendement box 3, die nog in behandeling is in de Eerste Kamer, wil dit veranderen. Voor actuele informatie over de belastingheffing op spaargeld raadpleegt u de Belastingdienst.
Hoe moet ik mijn werkelijk rendement voor box 3 doorgeven in mijn belastingaangifte 2025?
Vanaf de zomer van 2025 kunt u uw werkelijk rendement voor box 3 doorgeven via het formulier 'Opgaaf werkelijk rendement'. Dit digitale formulier stelt de Belastingdienst beschikbaar op mijn.belastingdienst.nl. Het is bedoeld voor belastingplichtigen met box 3-vermogen voor de belastingjaren 2017 tot en met 2024, en voor aangiftes voor 2023 en voorgaande jaren, in het kader van aanvullend rechtsherstel. U stuurt het formulier alleen in als uw werkelijk rendement hoger is dan het eerder berekende fictieve rendement. Na het doorgeven van uw werkelijk rendement kunt u mogelijk een belastingteruggave ontvangen.