Sparen of beleggen: belasting in box 3
Sparen of beleggen: belasting in box 3
In Nederland wordt belasting geheven over sparen en beleggen in box 3. Dit inkomen wordt forfaitair bepaald op basis van een fictief voordeel, afhankelijk van uw vermogenssamenstelling op 1 januari. Voor spaargeld – inclusief spaardeposito's – geldt in de overbruggingsfase tot 2026 dat spaarders vrijwel geen belasting betalen als het rendement laag blijft. Op deze pagina leert u hoe deze belasting werkt en wat dit voor uw vermogen betekent.
Hoe werkt belasting over sparen en beleggen in box 3?
Belasting over sparen en beleggen in box 3 werkt op basis van een fictief rendement. U betaalt belasting over de hoeveelheid vermogen die u heeft. Dit gebeurt ongeacht de daadwerkelijke opbrengst. De Belastingdienst belast dus niet uw werkelijke opbrengst. Zij kijken naar een percentage van de waarde van de grondslag sparen en beleggen.
Het belastingtarief in box 3 is voor 2024 en 2025 vastgesteld op 36 procent. Dit geldt voor het voordeel uit sparen en beleggen boven het heffingsvrije vermogen. Vanaf 2025 verandert dit systeem. Dan worden inkomsten uit sparen en beleggen in box 3 belast op basis van het werkelijke rendement. Meer informatie over beleggen vindt u op rendementbeleggen.nl.
Wanneer betaal je belasting over je vermogen?
U betaalt vermogensbelasting, de vermogensrendementsheffing, als uw vermogen boven een bepaalde grens komt. Deze belasting wordt geheven over opgebouwd vermogen en is van toepassing in 2024 en 2025.
Volgens de Belastingdienst ligt deze grens voor spaargeld in 2025 op €57.684 voor alleenstaanden. Heeft u een fiscale partner, dan is de grens in 2025 €115.368.
De vermogensbelasting geldt voor vermogen boven het heffingsvrije vermogen en is van toepassing tot en met 5 juni 2025. Hierbij telt al uw vermogen mee, zoals spaargeld, beleggingen en een tweede huis, waarbij schulden worden afgetrokken. Vermogen op een pensioenrekening is hiervan uitgesloten. Het is een belasting over geld waarover u eerder al belasting betaalde, en de belasting op vermogen boven de grens is hoger dan de belasting op sparen.
Hoeveel heffingsvrij vermogen heb je?
Het heffingsvrij vermogen is het bedrag waarover u geen vermogensbelasting betaalt in box 3. Voor 2025 is dit bedrag €57.684 per persoon. In 2024 was het heffingsvrij vermogen €57.000 per persoon.
Heeft u een fiscale partner, dan is het gezamenlijke heffingsvrij vermogen in 2025 €115.368. Dit is het dubbele van het bedrag voor een individuele belastingplichtige. U betaalt pas belasting over uw spaargeld of beleggingen als uw totale vermogen boven deze grens uitkomt.
Hoe worden spaargeld en beleggingen apart belast?
Spaargeld en beleggingen worden in box 3 verschillend belast. Bank- en spaartegoeden worden belast op basis van het belaste rendement, namelijk de werkelijke inkomsten zoals rente minus kosten. Dit wijkt af van de belasting op beleggingen, waar een fictief rendement wordt gehanteerd.
Er zijn ook specifieke regelingen. Gespaard geld in lijfrente of banksparen wordt pas belast bij uitkering via de inkomstenbelasting. Pensioenspaargeld, zoals via banksparen of lijfrente, wordt ook belast bij uitkering. De waarde van groene beleggingen en spaargeld boven het vrijstellingsbedrag is onderworpen aan vermogensbelasting over het verschil met de vrijstelling. Ook voor zzp'ers wordt de waarde van spaargeld en beleggingen belast via de inkomstenbelasting in box 3. Een Spaargeld BV belast het daadwerkelijk gerealiseerde rendement op spaargeld. Deze structuur heft belasting over het daadwerkelijk rendement, niet over het vermogen. Zelf beleggen en sparen voor pensioen biedt flexibiliteit en directe toegang, maar zonder fiscale aftrekpost.
Wat betekent fictief rendement voor jouw belasting?
De Belastingdienst stelt jaarlijks fictieve rendementen vast. Fictief rendement is een vast percentage dat de Belastingdienst gebruikt om de verwachte winst op uw vermogen te berekenen. Dit wordt ook wel forfaitair rendement genoemd. De vermogensrendementsheffing is gebaseerd op dit fictief rendement. De Belastingdienst gaat uit van fictief rendement op spaargeld en beleggingen.
Voor 2025 hanteert de Belastingdienst een lager fictief rendement op spaargeld. Voor beleggingen en andere bezittingen is het fictief rendement voor 2025 vastgesteld op 5,88 procent. Dit rendement wordt berekend over uw totale vermogen, verminderd met het heffingsvrije vermogen van €57.000. Over dit fictief rendement betaalt u als belastingbetaler 31% inkomstenbelasting.
Hoe bereken je de belasting over jouw vermogen?
U berekent de belasting over uw vermogen door de belastinggrondslag te bepalen. Dit is uw totale vermogen min het heffingsvrij vermogen. De Belastingdienst berekent de vermogensbelasting over uw totale eigen vermogen boven deze grens. Uw vermogen wordt berekend als de waarde van uw bezittingen min uw schulden. Hierbij worden totale schulden en de belastingvrije drempel van de waarde van uw bezittingen afgetrokken. Voor 2025 houdt de berekening rekening met het heffingsvrij vermogen en eventuele schulden.
Een vermogen boven €57.684 voor alleenstaanden ondergaat een belastingpercentage van 36 procent op het fictief rendement. Dit geldt tot en met 5 juni 2025. De Belastingdienst baseert de berekening voor 2025 op uw totale vermogen, inclusief spaargeld, vastgoed en aandelen. In 2024 betaalde een belastingbetaler met €100.000 volledig in aandelen belegd €935 belasting over het belastbaar vermogen. Vanaf 2025 bedraagt de belasting over €100.000 in aandelen, na aftrek van schuld, €1.174,40.
Wanneer betaal je minder of geen belasting?
U betaalt minder of geen belasting als u gebruikmaakt van belastingvoordelen en fiscale optimalisatie. Een belastingplichtige betaalt minder inkomstenbelasting door belastingvoordeel, bijvoorbeeld als een inleg binnen hetzelfde belastingjaar wordt afgetrokken. Dit valt onder belasting ontwijken, wat betekent dat u minder belasting betaalt binnen de wettelijke grenzen.
Door belastingoptimalisatie kunt u de belastingbetaling over spaargeld verminderen. Het doel is om zo min mogelijk belasting te betalen, binnen de Nederlandse fiscale regels. Een gepensioneerde in Nederland betaalt ook minder belasting na het stoppen met werken, bijvoorbeeld na arbeidsongeschiktheid.
Hoeveel belasting betaal je over spaargeld in box 3?
De belasting over spaargeld in box 3 hangt af van de hoogte van uw vermogen. Voor 2024 bedraagt de extra box 3 belasting over €325.000 spaargeld €2.340. Bij €150.000 spaargeld betalen Nederlandse spaarders €980 aan box 3 belasting. Het voorlopige box 3-belastingtarief op spaargeld is voor 2024 vastgesteld op 1,03 procent. Dit is een stijging, want in 2023 was dit tarief 0,92 procent. Heeft u €440.000 spaargeld met een forfaitair rendement van 0,09%, dan betaalt u in 2024 geen box 3 belasting.
Betaal je ook belasting over beleggingen als je verlies maakt?
Ja, u kunt belasting betalen over beleggingen, zelfs als u verlies maakt. Het nieuwe box 3-systeem kent vanaf 2025 en 2028 geen verliesverrekening voor de belastingheffing over herstelrendement. Verliesverrekening maakt normaal gesproken belastingvoordeel mogelijk. Een belegger in terugkerende investeringen kan verliezen gebruiken om belastbare vermogenswinsten te compenseren. Dit gebeurt door gerealiseerde verliezen te gebruiken om meeropbrengsten te compenseren. De beleggingsbelasting kan zo verminderd worden door het verkopen van onderpresterende activa met verlies. Ook voor cryptocurrency-beleggers gelden deze regels; hun belastingen volgen de regels van vermogenswinst en -verlies.
Wat telt mee als vermogen voor de Belastingdienst?
Voor de Belastingdienst telt al uw vermogen mee voor de vermogensbelasting. Dit omvat spaargeld, beleggingen en geld op uw rekening courant. Ook vastgoed, zoals een tweede woning of verhuurd huis, en contant geld thuis tellen mee. Uw vermogen is de totale waarde van al deze bezittingen, min eventuele schulden.
Hoe werkt box 3 als je een fiscale partner hebt?
Als u en uw partner fiscale partners zijn, wordt jullie vermogen in box 3 gezamenlijk berekend, inclusief het heffingsvrije vermogen. Hierbij moeten jullie gezamenlijke spaargeld, overige bezittingen en schulden invullen. Voor 2024 bedroeg het heffingsvrij vermogen voor fiscale partners €114.000. Jullie mogen het gezamenlijke box 3 vermogen op de meest voordelige manier verdelen. U mag het belaste vermogen verdelen over uzelf en uw partner bij de aangifte. Dit verdelen kan leiden tot belastingvoordeel. Zo kunnen jullie optimaal gebruikmaken van het dubbele heffingsvrije vermogen en de bedragen voor vermogensheffing verdubbelen. Ook ingehouden dividendbelasting is een verdeelbare post tussen fiscale partners.
Wat verandert er mogelijk aan de belasting op vermogen?
Vanaf 2025 verandert de belasting op vermogen in box 3 naar een vermogensaanwasbelasting, die inkomsten en waardeontwikkeling van vermogen omvat. Deze belasting heft werkelijke inkomsten uit vermogen, zoals rente, huur en dividend, en ook gerealiseerde en ongerealiseerde waardeontwikkeling van vermogensbestanddelen. Voor aandelen en spaartegoeden wordt de vermogensgroei jaarlijks belast; onroerend goed pas bij verkoop. Zo bedraagt de belasting over €100.000 in beursaandelen, na aftrek van schuld, vanaf 2025 circa €1.174,40. Voor 2024 zijn er voorstellen waarbij belastingtarieven per belastbaar vermogen oplopen, en vermogen van belastingplichtigen hoger wordt belast. Een mogelijke verdere wijziging vanaf 2027 of later is dat een lager heffingsvrij inkomen de vermogensbelasting waarschijnlijk verhoogt. Eerder, vanaf 2021, steeg het belastingtarief over opbrengst uit vermogen voor belastingplichtigen met meer dan €50.000 naar 31 procent. Ook wijzigde de vermogensrendementsheffing het vrijgestelde vermogen per persoon van €30.846 naar €50.000 tussen 2020 en 2021.