Wat leveren beleggingen op?
Wat leveren beleggingen op?
Beleggingen leveren gemiddeld een aanzienlijk rendement op, waarbij aandelen historisch gezien tussen de 7% en 10% per jaar genereren. Dit gemiddelde is gebaseerd op langetermijnprestaties van brede marktindices. Het uiteindelijke resultaat wordt bepaald door diverse factoren zoals het type belegging, de looptijd, marktomstandigheden en inflatie.
De gemiddelde opbrengst van beleggingen hangt sterk af van de gekozen beleggingscategorie. Historische gegevens laten zien dat aandelen op de lange termijn doorgaans een gemiddeld rendement van 7% tot 10% per jaar opleveren. Zo heeft de Amerikaanse aandelenmarkt, vertegenwoordigd door de S&P 500-index, bijna een eeuw lang een gemiddeld nominaal rendement van ongeveer 10% per jaar laten zien. Wanneer we dit corrigeren voor inflatie, spreken we over een reëel rendement van 6% tot 7% per jaar voor dezelfde periode. Ook de wereldwijde aandelenmarkt, gemeten aan de hand van de MSCI World index, heeft op de lange termijn een gemiddeld nominaal rendement van ongeveer 7% tot 9% per jaar behaald. Een belangrijk deel van deze rendementen, historisch gezien 30% tot 40%, komt voort uit dividenden en de herbelegging daarvan.
Hoewel gemiddelden een goed beeld geven van de verwachte langetermijnprestaties, kunnen individuele beleggingen sterk afwijken. Zo steeg de aandelenkoers van Nvidia tussen 2015 en 2025 met meer dan 10.000%. Dit illustreert het potentieel voor uitzonderlijk hoge rendementen, maar ook het bijbehorende risico van individuele aandelen ten opzichte van gespreide beleggingen in een index. Het is een misvatting dat alle beleggingen vergelijkbare rendementen opleveren; de spreiding tussen de best presterende en slechtst presterende beleggingen kan enorm zijn. Het nominale rendement, zoals de 10% van de S&P 500, geeft de groei van het kapitaal weer zonder rekening te houden met inflatie. Het reële rendement (6% tot 7% voor de S&P 500) geeft een realistischer beeld van de koopkrachttoename, omdat het de inflatie compenseert.
Naast de directe rendementen speelt ook de belastingheffing een rol in wat beleggingen netto opleveren. In Nederland wordt vermogen, inclusief beleggingen, belast in box 3. Sinds de aanpassing van het box 3-stelsel wordt het werkelijk rendement op vermogen belast. Dit betekent dat de Belastingdienst kijkt naar de daadwerkelijke inkomsten uit vermogen, zoals ontvangen rente, dividenden en gerealiseerde winsten uit verkoop van beleggingen, minus gemaakte kosten.
| Vermogenscategorie | Voorbeeld vermogen | Werkelijk rendement in 2025 (volgens Belastingdienst) |
|---|---|---|
| Spaargeld | € 150.000 | € 1.875 rente |
| Spaargeld (ander scenario) | € 150.000 | € 1.050 rente |
| Beleggingen | Niet gespecificeerd | € 500 dividend |
| Beleggingen (ander scenario) | Niet gespecificeerd | € 12.300 |
| Cryptobezittingen | Niet gespecificeerd | € 22.000 |
Deze voorbeelden van werkelijk rendement in 2025 laten zien dat de opbrengsten sterk kunnen variëren per vermogenscategorie en per situatie. Het is belangrijk om te beseffen dat deze bedragen het bruto werkelijk rendement betreffen, waarover vervolgens de belasting in box 3 wordt geheven.
Voor fiscaal partners geldt een gezamenlijk heffingsvrij vermogen en kunnen zij hun vermogen onderling verdelen. Volgens de Belastingdienst kan spaargeld van fiscale partners in 2025 bijvoorbeeld een werkelijk rendement van € 3.500 rente opleveren. Dit toont aan dat de fiscale behandeling van beleggingsopbrengsten ook afhankelijk is van de persoonlijke situatie.