In welke tijd van het jaar dalen de aandelenkoersen?
In welke tijd van het jaar dalen de aandelenkoersen?
Aandelenkoersen vertonen seizoenspatronen waarin ze vaker dalen, met name in september, juni en augustus. Historisch gezien is september de zwakste beursmaand, waarin aandelenkoersen gemiddeld met 1% tot 2% dalen. Ook de maandag staat bekend als een dag waarop aandelen vaker een negatief rendement laten zien, een fenomeen dat het 'weekend-effect' wordt genoemd.
De tendens van dalende aandelenkoersen in bepaalde periodes van het jaar is al decennia een bekend fenomeen op de financiële markten. Hoewel deze patronen geen garantie bieden voor toekomstige prestaties, zijn er consistente waarnemingen gedaan over de volgende periodes en dagen:
- September: Deze maand staat bekend als de zwakste beursmaand. Met name large caps (grote beursgenoteerde bedrijven) vertonen in september het meest negatieve rendement.
- Juni: Voor small en mid caps (kleinere en middelgrote beursgenoteerde bedrijven) is juni de maand waarin het rendement het meest negatief uitvalt.
- Augustus: Ook in augustus is er een verhoogde kans op dalende aandelenkoersen.
- Mei tot november: Een bredere periode van dalende rendementen wordt waargenomen tussen mei en november. Zowel large caps als small/mid caps vertonen in deze maanden vaker een negatief rendement. Dit patroon wordt vaak samengevat met het beursgezegde "Sell in May and Go Away".
- De dag voor Kerstmis: Specifiek voor AEX-fondsen is waargenomen dat het rendement op de dag voor Kerstmis negatief kan zijn.
Naast de maandelijkse en periodieke patronen, zijn er ook patronen op weekdagen:
| Dag van de week | Patroon | Toelichting |
|---|---|---|
| Maandag | Meest negatieve rendement | Aandelenkoersen dalen vaker op maandag. Dit geldt voor zowel large caps als midcapfondsen en wordt vaak toegeschreven aan het 'weekend-effect', waarbij nieuws en sentiment van het weekend de opening van de beurs beïnvloeden. |
| Overige dagen | Variabel | Hoewel maandag het meest opvallende negatieve patroon vertoont, variëren de rendementen op andere weekdagen en zijn er geen consistente dalende trends zoals op maandag. |
Rekenvoorbeeld: Impact van een seizoensdaling
Stel, je hebt een beleggingsportefeuille met een waarde van €25.000. Historische data wijzen uit dat september gemiddeld een zwakke maand is voor aandelen, met een hypothetische gemiddelde daling van bijvoorbeeld 1,5% voor brede indices. Als jouw portefeuille deze gemiddelde daling volgt, dan zou de waarde van je portefeuille aan het einde van september gedaald zijn met €375 (1,5% van €25.000). De resterende waarde van je portefeuille zou dan €24.625 bedragen. Dit voorbeeld illustreert hoe seizoenspatronen, zelfs met relatief kleine percentages, een merkbare invloed kunnen hebben op de waarde van een beleggingsportefeuille. De werkelijke dalingen kunnen echter per jaar en per specifieke belegging sterk verschillen.
Deze seizoens- en dagspecifieke patronen zijn statistische observaties en geen voorspellingen. De werkelijke koersontwikkeling wordt beïnvloed door een veelheid aan factoren, waaronder economische omstandigheden, bedrijfsresultaten en geopolitieke ontwikkelingen. Beleggers gebruiken deze patronen soms als een van de vele indicatoren, maar baseren hun beslissingen zelden uitsluitend hierop. Voor meer informatie over beleggingsstrategieën, zie onze pagina over beleggen voor beginners.